Geschiedenis
In de tweede wereldoorlog zijn er in grote gebieden voedseltekorten ontstaan. Deze periode staat bekend als de Hongerwinter. Veel mensen zijn in deze tijd omgekomen door honger. Toen de bezetting werd opgeheven, werd er met vliegtuigen van bevriende landen voedsel uit de lucht neergeworpen. Dit heette de Marshallhulp.

Na de oorlog gaf de regering Nederlandse boeren en tuinders de opdracht zoveel mogelijk voedsel te produceren. Daarvoor werden polders drooggelegd en werd een deel van het IJsselmeer ingepolderd. Dit kostte veel tijd en geld. Geld voor luxe was er dus niet.

Tegenbeweging
Er was natuurlijk ook behoefte aan vlees, eieren en zuivelproducten. Langzaam keerde het tij en werd Nederland een land met overschotten. Nederland kon exporteren in plaats van alleen importeren, en dat was gunstig! Voor de Nederlandse consumenten waren er genoeg levensbehoeften beschikbaar. Naar mate de welvaart toenam, ontstond er steeds meer verzet tegen de productiemethoden. Groepen mensen die gek genoeg niets wisten van dieren en maatstaven, begonnen hun mening te roepen. Ze vonden de productiemethoden dieronvriendelijk. Als protest haalden ze dieren uit hun stallen en stuurden ze deze de wijde wereld in. Door hun gebrek aan kennis wisten ze helaas niet dat dit juist ng dieronvriendelijker is.

Doel
In de jaren '70 kregen Barneveldse landbouworganisaties te maken met deze groepen. Onwaarheden over en verzet tegen dierhouderij moeten de wereld uit, net als de dieronvriendelijke acties die hierbij horen. Toen is besloten de consument kennis te laten nemen met de dierhouderij in de omgeving. De boeren werken aan dit doel door mensen te laten 'kijken naar het werk van de boer.' Transparantie dus!